Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
1.Het onderzoek op de terechtzitting
2.De tenlastelegging
3.De voorvragen
feitelijkbestuurder van [stichting] . De rechtbank overweegt daartoe als volgt.
in control”, aldus [getuige] . [17] [naam] en [medeverdachte] voerden uit wat verdachte hem opdroeg. Verdachte had de touwtjes in handen. [18] [getuige] heeft verder verklaard dat verdachte zich op een later moment formeel als bestuurder heeft ingeschreven omdat hij inzicht wilde hebben in de bankrekening van [stichting] omdat het geld dat op de bankrekening stond van hem was. [19]
5.De strafbaarheid van het bewezenverklaarde
medeplegen van als bestuurder van een rechtspersoon, wetende dat hierdoor een of meer schuldeisers van de rechtspersoon in hun verhaalsmogelijkheden worden benadeeld, voor de intreding van het faillissement, terwijl dit is gevolgd enig goed aan de boedel hebben onttrokken;
medeplegen van in staat van faillissement zijn verklaard en voor of tijdens het faillissement opzettelijk niet voldoen aan de wettelijke verplichtingen tot het voeren van een administratie en het bewaren van de daartoe behorende boeken, bescheiden en andere gegevensdragers, ten gevolge waarvan de afhandeling wordt bemoeilijkt.
6.De strafbaarheid van verdachte
7.De op te leggen straf of maatregel
8.De toegepaste wettelijke voorschriften
9.De beslissing
medeplegen van als bestuurder van een rechtspersoon, wetende dat hierdoor een of meer schuldeisers van de rechtspersoon in hun verhaalsmogelijkheden worden benadeeld, voor de intreding van het faillissement, terwijl dit is gevolgd enig goed aan de boedel hebben onttrokken;
medeplegen van in staat van faillissement zijn verklaard en voor of tijdens het faillissement opzettelijk niet voldoen aan de wettelijke verplichtingen tot het voeren van een administratie en het bewaren van de daartoe behorende boeken, bescheiden en andere gegevensdragers, ten gevolge waarvan de afhandeling wordt bemoeilijkt.
gevangenisstrafvoor de duur van
10 (tien) maanden;
4 (vier) maanden niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten. De rechter kan de tenuitvoerlegging gelasten indien de verdachte voor het einde van de
proeftijd van 2 (twee) jarende navolgende algemene voorwaarde niet is nagekomen:
algemene voorwaardedat de verdachte zich voor het einde van de proeftijd niet schuldig maakt aan een strafbaar feit;