Uitspraak
1.de Vennootschap Onder Firma [gedaagde 1],
2. de heer
[gedaagde 2],
3. mevrouw
[gedaagde 3],
1.De procedure
- de conclusie van antwoord,
- de brief waarin is meegedeeld dat een mondelinge behandeling is bepaald,
Rechtbank Overijssel
In deze zaak zijn twee overeenkomsten van opdracht gesloten tussen eiser en gedaagden voor de reparatie van een vrachtwagen. Eiser heeft de werkzaamheden uitgevoerd en de bijbehorende facturen verzonden, maar gedaagden hebben deze facturen grotendeels onbetaald gelaten. Gedaagden beroepen zich op opschorting van betaling wegens het niet tijdig leveren van een frontgrill. De kantonrechter oordeelt dat het beroep op opschorting slechts beperkt gerechtvaardigd was. Eiser heeft zich terecht beroepen op de onzekerheidsexceptie en het retentierecht, en gedaagden zijn in schuldeisersverzuim geraakt. De kantonrechter wijst de vorderingen van eiser toe, inclusief de wettelijke rente en proceskosten. De overeenkomst is niet (partieel) buitengerechtelijk ontbonden, en eiser wordt bevrijd van de verplichting tot levering van de grill.