Uitspraak
RECHTBANK Overijssel
1.De procedure
2.Het verzoek
3.De beoordeling
4.De beslissing
[verzoeker],
geboren op [geboortedatum] 1971 te [geboorteplaats],
wonende te [adres 1];,
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Overijssel
Verzoeker heeft een verzoek ingediend tot toepassing van de schuldsaneringsregeling (Wsnp) en verzocht om een eerdere ingangsdatum van de regeling. De rechtbank heeft het verzoek beoordeeld en vastgesteld dat verzoeker niet in staat is zijn schulden zelf af te lossen.
De procedure omvatte een zitting op 16 maart 2026 waarbij verzoeker, zijn schuldhulpverleenster en beschermingsbewindvoerder aanwezig waren. De rechtbank concludeerde dat verzoeker de omstandigheden die tot de schulden hebben geleid onder controle heeft gekregen en dat hij zich zal inspannen om de verplichtingen uit de regeling na te komen.
Vanwege de duurzame arbeidsongeschiktheid van verzoeker (80-100%) en het feit dat er al beslag ligt op zijn Wajong-uitkering tot aan de beslagvrije voet, oordeelde de rechtbank dat verzoeker niet hoeft te voldoen aan de inspanningsplicht voor het verwerven van arbeid. Daarom werd de ingangsdatum van de schuldsaneringsregeling vastgesteld op 23 maart 2025, een jaar voorafgaand aan het vonnis.
De rechtbank stelde de looptijd van de regeling vast op achttien maanden vanaf die datum, benoemde een rechter-commissaris en bewindvoerder, en bepaalde dat de bewindvoerder de post van verzoeker mag inzien en een voorschot op vergoeding mag opnemen. Tevens vervallen alle gelegde beslagen door dit vonnis.
Uitkomst: Verzoeker wordt toegelaten tot de schuldsaneringsregeling met ingang van 23 maart 2025 en een looptijd van achttien maanden.