Uitspraak
RECHTBANK Overijssel
1.De procedure
2.Het verzoek
3.De beoordeling
4.De beslissing
[verzoekster] ,
geboren op [geboortedatum] 1982 te [geboorteplaats],
wonende te [adres 1];
2 maart 2026, in tegenwoordigheid van de griffier.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Overijssel
Verzoekster heeft een verzoek ingediend tot toelating tot de schuldsaneringsregeling (Wsnp) en verzocht om een eerdere ingangsdatum van de regeling dan de datum van het vonnis. De rechtbank beoordeelde het verzoek en stelde vast dat verzoekster voldoet aan de voorwaarden van artikel 288 lid 1 Faillissementswet Pro en dat er geen gronden voor afwijzing zijn.
De rechtbank overwoog dat de Wsnp-termijn in principe achttien maanden duurt en ingaat op de datum van het vonnis, tenzij een eerdere ingangsdatum kan worden vastgesteld. Verzoekster had vanaf 28 augustus 2024 maandelijks aflossingen gedaan via een schuldhulpverleningsbureau, gebaseerd op haar inkomsten uit een ANW-uitkering en haar onderneming. De rechtbank concludeerde dat verzoekster aan haar aflossings- en inspanningsverplichtingen heeft voldaan, mede doordat zij met haar ondernemerschap voldoende inkomsten genereert en flexibel kan werken.
De rechtbank stelde de ingangsdatum vast op 3 september 2024, achttien maanden voor de fixeringsdatum, en bepaalde dat de regeling loopt tot 3 maart 2026. Na deze datum blijft verzoekster verplicht mee te werken aan de afwikkeling van de regeling. Tevens werden een rechter-commissaris en bewindvoerder benoemd, en werd bepaald dat de bewindvoerder een voorschot op vergoeding mag nemen zolang de boedel toereikend is. Alle gelegde beslagen vervallen met deze uitspraak.
Uitkomst: Verzoek tot toepassing van de schuldsaneringsregeling wordt toegewezen met een eerdere ingangsdatum van 3 september 2024 en een looptijd van achttien maanden.