De huurder heeft een huurachterstand van € 2.456,95 opgebouwd bij woningstichting SWZ, die ontbinding van de huurovereenkomst en ontruiming vordert. SWZ verklaart geen ontruimingstitel te zullen gebruiken zolang de huurder samen met hulpverlening werkt aan het op orde brengen van zijn financiën. De kantonrechter wijst de vordering tot betaling, ontbinding en ontruiming toe, gelet op de ernstige huurachterstand van ruim drieënhalve maand.
De huurder erkent de achterstand en voert aan dat deze is ontstaan door gokproblemen, waarvoor hij hulp ontvangt. SWZ handhaaft haar vordering als stok achter de deur, maar wil uitzetting voorkomen zolang het hulptraject loopt. De kantonrechter acht de huurachterstand ernstig genoeg voor ontbinding, maar vertrouwt op de toezegging van SWZ om ontruiming uit te stellen.
Ambtshalve toetst de rechter de algemene voorwaarden van SWZ en vernietigt de bedingen over rente en buitengerechtelijke incassokosten als onredelijk bezwarend, mede vanwege een boetebeding dat onbegrensd kan oplopen. De gevorderde rente en incassokosten worden daarom niet toegewezen. De huurder wordt veroordeeld tot betaling van de achterstallige huur, gebruiksvergoeding na ontbinding, en proceskosten. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.