Uitspraak
RECHTBANK Overijssel
1.Samenvatting
2.De procedure
3.De feiten
) en het legaat van de lijfsieraden aan de deelgenoot sub 3 (toevoeging rechtbank: [eiser]
) zijn reeds afgegeven. Het legaat van vruchtgebruik zal worden gevestigd/afgegeven als hierna vermeld bij de schuldomzetting. (…)
4.Het geschil
5.De beoordeling
De periode voor het overlijden van het erflaatster
Bovendien mis ik wat ik ooit schonk aan de liefde van mijn leven’. [gedaagde] heeft gesteld dat deze zinsnede geen betrekking heeft op de sieraden van zijn moeder, maar op een olifantenarmband en een set juwelen met opaal die hij voor erflaatster had meegenomen van een buitenlandse reis. Dit staat er echter niet en dat valt ook uit de context van het briefje niet af te leiden. Hierin staat immers dat zijn zonen naar de juwelen van hun oma vragen, dat [gedaagde] mist wat hij ooit schonk aan erflaatster en dat hij daar met [eiser] over wil praten. Er wordt met geen woord gerept over andere sieraden dan de sieraden van de moeder van [gedaagde] . Ook valt niet in te zien waarom [gedaagde] met [eiser] zou willen praten over een olifantenarmband en de opalen juwelenset die zonder meer behoren tot de sieraden die erflaatster aan [eiser] heeft gelegateerd en die ook na het briefje van 11 maart 2014 tussen partijen nooit aan de orde zijn geweest. Hier komt nog bij dat ook [gedaagde] zelf heeft aangegeven dat erflaatster weleens de sieraden van zijn moeder heeft gedragen. Daarmee is aannemelijk dat [gedaagde] ook de sieraden uit de nalatenschap van zijn moeder aan erflaatster heeft geschonken, die immers volgens zijn briefje van 11 maart 2014 aan [eiser] , de liefde van zijn leven was.