Uitspraak
1.De procedure
- de conclusie van antwoord van 21 oktober 2025,
- de brief waarin is meegedeeld dat een mondelinge behandeling is bepaald,
2.Waar gaat deze zaak over?
3.De beoordeling
- voor beide partijen ongedaanmakingsverbintenissen ontstaan voor de door hen ontvangen prestaties;
- voor zover prestaties (nog) niet zijn verricht: partijen daarvan zijn bevrijd.
we €20000 contant van [eiser] als voorbetaling hebben ontvangen voor 30 aandelen”. Zoals [gedaagde] ter zitting heeft aangevoerd, is voor discussie vatbaar wie met ‘we’ is bedoeld. Dit zou kunnen slaan op [naam 1] (in hoedanigheid van bestuurder van [gedaagde]), maar het zou ook kunnen slaan op [naam 1] en [naam 2]. Die laatste mogelijkheid sluit aan bij de WhatsApp-berichten die [eiser] zelf aan [naam 1] heeft gestuurd. [eiser] berichtte [naam 1] namelijk (vertaald)
“ik heb het bedrag van 20 aan jullie beiden gegeven”, met wie hij [naam 1] en [naam 2] bedoelde.
Ik kan [naam 2] verplichten 10.000 te betalen en jij 15”, en
“(…) ik heb het bedrag van 20 aan jullie beiden gegeven, daarnaast heb ik [naam 2] 10 gegeven. Je zei dat jij en [naam 2] het geld onderling hebben verdeeld. 30 betekent 15”.[eiser] heeft niet uitgelegd hoe deze berichten zich verhouden tot zijn stelling dat hij € 20.000,00 aan [naam 1] (als bestuurder van [gedaagde]) heeft overhandigd en dat dit bedrag door [gedaagde] moet worden terugbetaald.