Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiseres], uit [woonplaats],
het college van burgemeester en wethouders van Ommen,
Samenvatting
Feiten en procesverloop
Beoordeling door de rechtbank
openbaarverkeer
openstaandewegen of paden met inbegrip van de daarin liggende bruggen en duikers en de tot die wegen behorende paden en bermen of zijkanten (…). Tussen partijen is niet in geschil dat er sprake is van een “weg” in de zin van dit artikel.
openbareweg dient beoordeeld te worden aan de hand van de Wegenwet. Op grond van artikel 4, eerste lid, van de Wegenwet is een weg openbaar:
- als hij dertig jaar achter elkaar niet voor iedereen toegankelijk is geweest; of
- als hij door het bevoegd gezag aan de openbaarheid is onttrokken.
Conclusie en gevolgen
Beslissing
- verklaart het beroep gericht tegen het niet tijdig beslissen niet-ontvankelijk;
- verklaart het beroep gericht tegen het handhavingsbesluit gegrond;
- vernietigt het bestreden besluit voor zover dat ziet op de afwijzing van het handhavingsverzoek;
- bepaalt dat het college binnen 4 weken op het handhavingsverzoek van [eiseres] moet beslissen;
- bepaalt dat het college het griffierecht van € 187,- aan [eiseres] moet vergoeden.