ECLI:NL:RBOVE:2025:85
Rechtbank Overijssel
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Weigering omgevingsvergunning uitrit wegens belang bruikbaarheid weg bevestigd
Eiser heeft beroep ingesteld tegen de weigering van het college van burgemeester en wethouders van Kampen om een omgevingsvergunning te verlenen voor het maken van een uitrit aan een adres in de binnenstad. Het college had de aanvraag geweigerd op grond van het belang van de bruikbaarheid van de weg, omdat het realiseren van de uitrit zou leiden tot het verdwijnen van een openbare parkeerplaats in een gebied met hoge parkeerdruk.
De rechtbank heeft het beroep behandeld en beoordeeld aan de hand van de gronden van eiser, die onder meer stelde dat het college onvoldoende had gemotiveerd, het vertrouwensbeginsel, gelijkheidsbeginsel en evenredigheidsbeginsel niet had betrokken, en dat het college onvoldoende rekening had gehouden met verkeersveiligheid en het parkeerbeleid.
De rechtbank oordeelt dat het college het belang van de bruikbaarheid van de weg terecht zwaarder heeft gewogen dan het belang van eiser. Het college heeft de overige mogelijke weigeringsgronden uit de APV niet toegepast en heeft het beroep op het vertrouwensbeginsel verworpen omdat eiser geen concrete toezegging had ontvangen. Het beroep op het gelijkheidsbeginsel faalt omdat geen sprake is van gelijke gevallen. Het beroep op het evenredigheidsbeginsel wordt verworpen vanwege de ruime beoordelingsruimte van het college en het ontbreken van een zwaarwegend belang van eiser.
De rechtbank stelt vast dat verkeersveiligheid geen rol heeft gespeeld in het besluit en dat dit ook niet verwijtbaar is gezien de omstandigheden. Het beroep wordt ongegrond verklaard, het college mocht de vergunning weigeren, en eiser krijgt geen proceskostenvergoeding.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt de weigering van de omgevingsvergunning voor het maken van een uitrit.