Uitspraak
1.Het geschil in het kort
- de conclusie van antwoord;
- de brief van mr. J.M. O’Keefe (de gemachtigde van [eiser]) van 16 oktober 2025 met producties 30 en 31.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Overijssel
Eiseres is sinds 2005 directiesecretaresse bij gedaagde en verrichtte vanaf 2018 ook marketing- en communicatietaken zonder salarisaanpassing. In 2024 besloot gedaagde deze taken weg te halen en stelde een salarisverlaging voor van € 6.882,28 naar € 4.500,- bruto per maand over twee jaar.
Eiseres betwistte de salarisverlaging en vorderde nabetaling van het oorspronkelijke salaris met wettelijke verhoging en rente. De kantonrechter oordeelde dat eiseres nooit extra is beloond voor de marketingtaken en dat het onredelijk is om haar salaris te verlagen nu die taken zijn weggenomen. De benchmark die een lager salaris voor directiesecretaresse toont, rechtvaardigt volgens de rechter geen verlaging zonder nadere onderbouwing.
De kantonrechter veroordeelde gedaagde tot betaling van het oorspronkelijke salaris vanaf januari 2025, inclusief wettelijke verhoging van 20% over achterstallig salaris, wettelijke rente, buitengerechtelijke incassokosten en proceskosten. Het verzoek tot salarisbetaling tot einde dienstverband werd afgewezen wegens toekomstig karakter.
De uitspraak benadrukt dat een salaris dat van oudsher is vastgesteld en niet is aangepast voor extra taken, niet zonder meer kan worden verlaagd bij het wegnemen van die taken. Goed werkgeverschap vereist een redelijke aanleiding en onderbouwing voor salarisaanpassing.
Uitkomst: De kantonrechter wijst de salarisverlaging af en veroordeelt de werkgever tot betaling van het oorspronkelijke salaris met wettelijke verhoging en rente.