Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
1.Het onderzoek op de terechtzitting
2.De tenlastelegging
3.Vrijspraak
4.De beslissing
vrij.
Rechtbank Overijssel
De rechtbank Overijssel behandelde op 1 december 2025 de zaak tegen verdachte die werd verdacht van witwassen van een partij Disqs die door een besloten vennootschap was aangekocht. De officier van justitie stelde dat verdachte samen met anderen de herkomst en aard van de Disqs had verborgen, terwijl hij wist of redelijkerwijs moest vermoeden dat deze uit misdrijf afkomstig waren.
De verdediging voerde aan dat er geen wettig en overtuigend bewijs was dat verdachte zich schuldig had gemaakt aan witwassen, dat hij de Disqs had verhuld of dat hij wist van een criminele herkomst. De rechtbank constateerde dat er wel aanwijzingen waren voor strafbare feiten zoals valsheid in geschrift en faillissementsfraude in de keten van verkrijging, maar dat verdachte niet rechtstreeks bij deze feiten betrokken was.
Omdat niet buiten redelijke twijfel kon worden vastgesteld dat de Disqs uit een misdrijf afkomstig waren en welk grondmisdrijf dat dan zou zijn, kon de rechtbank niet tot een veroordeling komen. Verdachte werd daarom vrijgesproken van het ten laste gelegde.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs dat hij witwassen heeft gepleegd.