ECLI:NL:RBOVE:2025:6475
Rechtbank Overijssel
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ongegrond beroep tegen omgevingsvergunning voor energiepark Tolhuislanden met windturbines en zonnepark
Deze bestuursrechtelijke uitspraak betreft het beroep van eiser tegen de omgevingsvergunning die het college van burgemeester en wethouders van Zwolle heeft verleend aan Tolhuislanden voor de realisatie van een energiepark met drie windturbines en een zonnepark.
Eiser betwist met name de afstand van de windturbines tot zijn woning, stellende dat deze gebaseerd is op inmiddels ongeldig verklaarde regels, en vreest negatieve effecten op zijn gezondheid door geluid, slagschaduw en vibraties. De rechtbank stelt vast dat de aanvraag is ingediend vóór de inwerkingtreding van de Omgevingswet, waardoor het oude recht (Wabo) van toepassing is.
De rechtbank overweegt dat het college eigen, actuele en deugdelijke normen voor geluid en slagschaduw heeft vastgesteld, gebaseerd op een milieunormenonderzoek van Pondera. De afstandsnorm is niet verplicht omdat geluidsnormen effectiever zijn. Eiser heeft geen concrete bezwaren tegen de geluidsnormen ingebracht en zijn vrees voor piekgeluiden is onvoldoende onderbouwd.
Ook de ruimtelijke gevolgen van slagschaduw en vibraties zijn onderzocht en niet onderbouwd betwist. De rechtbank concludeert dat het college het juiste toetsingskader heeft toegepast en dat de vergunning ruimtelijk aanvaardbaar is. Het beroep wordt ongegrond verklaard, de vergunning blijft in stand en eiser krijgt geen proceskostenvergoeding.
Uitkomst: Het beroep tegen de omgevingsvergunning voor het energiepark Tolhuislanden wordt ongegrond verklaard en de vergunning blijft in stand.