De rechtbank Overijssel heeft op 23 oktober 2025 uitspraak gedaan in een zaak betreffende de voortzetting van de maatregel tot plaatsing in een inrichting voor stelselmatige daders (ISD-maatregel) die aan veroordeelde was opgelegd op 6 november 2023 voor de duur van twee jaar.
Veroordeelde verzocht om tussentijdse beëindiging van de maatregel omdat deze volgens hem neerkomt op kale detentie en hij in vrijheid wil worden gesteld met passende hulp en begeleiding. De officier van justitie stelde zich op het standpunt dat voortzetting noodzakelijk is om een geschikte woonplek en ambulante begeleiding te realiseren.
De rechtbank heeft op basis van een verklaring van de directeur van de inrichting, het verloop van het ISD-traject en het advies van een deskundige vastgesteld dat beëindiging van de maatregel zal leiden tot onveiligheid en overlast. Veroordeelde vertoont zorgelijk gedrag, mede onder invloed van middelen, en heeft ondersteuning nodig bij dagelijkse taken en sociale contacten.
De rechtbank concludeert dat voortzetting van de maatregel noodzakelijk is om verdere begeleiding en een passende woonplek te realiseren, wat in het belang is van zowel veroordeelde als de maatschappij. Het verzoek tot beëindiging wordt daarom afgewezen.