Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
1.Het onderzoek op de terechtzitting
2.De tenlastelegging
primair), dan wel hem heeft mishandeld met zwaar lichamelijk letsel als gevolg (
subsidiair).
hij op of omstreeks 21 december 2024 te Enschede [slachtoffer 2] heeft mishandeld door die [slachtoffer 2] (met kracht) met een (tot vuist gebalde) hand in/op/tegen zijn neus, althans tegen zijn gezicht, heeft geslagen en/of gestompt;
hij op of omstreeks 21 december 2024 te Enschede aan [slachtoffer 1] opzettelijk zwaar lichamelijk letsel, te weten een ernstig beschadigd oog met blijvende blindheid heeft toegebracht door die [slachtoffer 1] meermaals, althans een of meerdere keren, (met kracht) met een (tot vuist gebalde) hand in/op/tegen zijn oog, althans tegen zijn gezicht, heeft geslagen en/of gestompt;
3.De bewijsmotivering
hij op 21 december 2024 te Enschede [slachtoffer 2] heeft mishandeld door die [slachtoffer 2] met kracht met een vuist tegen zijn neus heeft gestompt;
hij op 21 december 2024 te Enschede [slachtoffer 1] heeft mishandeld door die [slachtoffer 1] meermaals met kracht met zijn vuist tegen zijn gezicht, waaronder zijn oog, heeft gestompt, terwijl het feit zwaar lichamelijk letsel, te weten een ernstig beschadigd oog met blijvende blindheid, ten gevolge heeft gehad.
4.De strafbaarheid van het bewezenverklaarde
5.De strafbaarheid van verdachte
6.De op te leggen straf of maatregel
7.De schade van benadeelden
€ 17.932,94, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf het moment waarop de schade is ontstaan. De gevorderde materiële schade bestaat uit de volgende posten:
8.De toegepaste wettelijke voorschriften
9.De beslissing
taakstraf, bestaande uit het verrichten van onbetaalde arbeid voor de duur van
120 (honderdtwintig) uren;
vervangende hechteniszal worden toegepast voor de duur van
60 (zestig) dagen;
gevangenisstrafvoor de duur van
1 (een) maand;
in zijn geheel niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten. De rechter kan de tenuitvoerlegging gelasten indien de verdachte voor het einde van de
proeftijd van 3 (drie) jarende navolgende algemene voorwaarde niet is nagekomen:
algemene voorwaardedat de verdachte zich voor het einde van de proeftijd niet schuldig maakt aan een strafbaar feit;
bijzondere voorwaardendat verdachte:
daarbij gelden als voorwaarden van rechtswege dat de verdachte:
€ 420,00(vierhonderd twintig euro), bestaande uit € 20,00 (twintig euro) materiële schade en € 400,00 (vierhonderd euro) immateriële schade. Voormeld bedrag is te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 21 december 2024;
maatregelop dat de verdachte verplicht is ter zake van het bewezen verklaarde feit tot betaling aan de Staat der Nederlanden van een bedrag van € 420,00, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 21 december 2024 ten behoeve van de benadeelde, en bepaalt, voor het geval volledig verhaal van het verschuldigde bedrag niet mogelijk blijkt, dat
gijzelingvoor de duur van
8 dagenkan worden toegepast. Tenuitvoerlegging van de gijzeling laat de betalingsverplichting onverlet;
wijstde vordering voor het overige
af;
€ 58.357,94(achtenvijftigduizend driehonderdzevenenvijftig euro en vierennegentig cent), bestaande uit € 15.357,94 (vijftienduizend driehonderdzevenenvijftig euro en vierennegentig cent) materiële schade en € 43.000,00 (drieënveertigduizend euro) immateriële schade. Voormeld bedrag is te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 21 december 2024;
maatregelop dat de verdachte verplicht is ter zake van het bewezen verklaarde feit tot betaling aan de Staat der Nederlanden van een bedrag van € 58.357,94, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 21 december 2024 ten behoeve van de benadeelde, en bepaalt, voor het geval volledig verhaal van het verschuldigde bedrag niet mogelijk blijkt, dat
gijzelingvoor de duur van
312 dagenkan worden toegepast. Tenuitvoerlegging van de gijzeling laat de betalingsverplichting onverlet;