Uitspraak
1.Waar deze zaak over gaat
2.De procedure
- de conclusie van antwoord met daarin vorderingen in reconventie,
- de mondelinge behandeling van 11 juli 2025, waarvan door de griffier aantekeningen zijn gemaakt.
Rechtbank Overijssel
In deze zaak staat de zorgplicht van de verhuurder tegenover de huurder binnen een renovatieproject centraal. Huurder weigerde medewerking aan renovatiewerkzaamheden in zijn woning, omdat hij het voorstel van verhuurder niet redelijk vond. Verhuurder vorderde medewerking, terwijl huurder in reconventie alternatieve verblijfsmogelijkheden, schadevergoeding en vergoeding van bedrijfskosten eiste.
De voorzieningenrechter oordeelde dat het voorstel van verhuurder redelijk is en dat huurder medewerking moet verlenen. Huurder moet het gehuurde ontruimen als hij niet vrijwillig meewerkt. De vorderingen van huurder in reconventie werden afgewezen, omdat verhuurder aannemelijk maakte dat de woning bewoonbaar blijft, geen schadevergoeding verschuldigd is bij uitloop, geen grofvuilcontainer verplicht is en geen vergoeding van bedrijfskosten noodzakelijk is.
De proceskosten werden aan huurder opgelegd. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad en geeft verhuurder het recht om de werkzaamheden uit te voeren ondanks de bezwaren van huurder.
Uitkomst: De voorzieningenrechter wijst de vorderingen van verhuurder tot medewerking toe en wijst de vorderingen van huurder in reconventie af.