Verdachte werd verdacht van het telen van hennepplanten op twee locaties, diefstal van elektriciteit en deelname aan een criminele organisatie gericht op hennepgerelateerde misdrijven. De rechtbank heeft het bewijs onderzocht, waaronder camerabeelden, encrochatgesprekken en verklaringen van verdachte.
Voor de hennepkwekerijen aan een adres in plaats 1 en een ander adres in plaats 2 werden onvoldoende aanwijzingen gevonden voor nauwe en bewuste samenwerking of alleen plegen. Verdachte ontkende kennis van de kwekerijen en verklaarde slechts zakelijke bezoeken te hebben gebracht.
Ook voor de elektriciteitsdiefstal was het bewijs onvoldoende om verdachte te veroordelen. Ten aanzien van deelname aan een criminele organisatie concludeerde de rechtbank dat niet is bewezen dat verdachte op de vereiste wijze deelnam aan het samenwerkingsverband.
De benadeelde partij Enexis Netbeheer BV werd niet-ontvankelijk verklaard in haar vordering tot schadevergoeding, omdat het onderliggende strafbare feit niet bewezen werd verklaard. De rechtbank sprak verdachte vrij van alle tenlastegelegde feiten en bepaalde dat partijen ieder hun eigen kosten dragen.