Bij vonnis van 21 februari 2024 werd de besloten vennootschap [bedrijf 1] B.V. failliet verklaard, waarbij eiseres als curator werd aangesteld. De curator vordert aansprakelijkheid van de bestuurders, de heren [gedaagde 2] en [bedrijf 2], voor het faillissementstekort wegens onbehoorlijk bestuur en/of onrechtmatige daad.
De rechtbank oordeelt dat de vordering niet onrechtmatig of ongegrond is en veroordeelt de bestuurders hoofdelijk tot betaling van de schade die de boedel heeft geleden. Tevens wordt een voorschot van €21.629,23 toegewezen. Daarnaast wordt aan gedaagde sub 2 een civiel bestuursverbod opgelegd voor de duur van vijf jaren, ingaande na het in kracht van gewijsde treden van het vonnis.
De rechtbank bepaalt dat de griffier het bestuursverbod en de uitschrijving van de bestuurder uit het Handelsregister zal verzorgen. Gedaagden worden veroordeeld in de proceskosten en de onderdelen betreffende het voorschot en proceskosten worden uitvoerbaar bij voorraad verklaard. Het meer of anders gevorderde wordt afgewezen.