ECLI:NL:RBOVE:2025:3249
Rechtbank Overijssel
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging verstekvonnis en afwijzing vorderingen vrouw inzake restschuld na echtscheiding
De man kwam in verzet tegen het verstekvonnis waarin werd bepaald dat hij en de vrouw ieder voor de helft aansprakelijk waren voor de restschuld van hun voormalige gezamenlijke woning. Na echtscheiding en verkoop was er een restschuld bij ING Bank N.V. De man had echter succesvol het schuldsaneringstraject (Wsnp) doorlopen en een schone lei gekregen op 20 augustus 2019, waardoor de vorderingen die voor toelating tot de schuldsanering zijn ontstaan niet langer afdwingbaar zijn.
De rechtbank oordeelde dat het verzet tijdig en correct was ingesteld. De vrouw stemde in met de vorderingen van de man, waardoor het verstekvonnis werd vernietigd. De rechtbank wees vervolgens de vorderingen van de vrouw af, omdat de regresvordering die zij op de man zou hebben door teveel betaalde bedragen eveneens niet afdwingbaar is door de werking van de schone lei.
Ten slotte compenseerde de rechtbank de proceskosten, waarbij iedere partij haar eigen kosten draagt. Het vonnis werd gewezen door rechter A.E. Zweers en op 21 mei 2025 in het openbaar uitgesproken.
Uitkomst: Het verstekvonnis wordt vernietigd en de vorderingen van de vrouw worden afgewezen wegens de werking van de schone lei na schuldsanering van de man.