ECLI:NL:RBOVE:2025:2615
Rechtbank Overijssel
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep gegrond tegen niet-ontvankelijkverklaring bezwaar exploitatie- en terrasvergunning
De burgemeester van Deventer verleende op 5 februari 2024 een exploitatie- en terrasvergunning aan een horecabedrijf. Eisers, gezamenlijk eigenaar van een nabijgelegen pand, maakten bezwaar tegen deze vergunning. De burgemeester verklaarde het bezwaar niet-ontvankelijk omdat eisers geen belanghebbenden zouden zijn.
Eisers stelden dat zij door de vergunningverlening gevolgen van betekenis ondervinden, zoals geur, geluid, bezoekersstromen, bereikbaarheid en aantasting van cultuurhistorische waarden, mede doordat het terras op de looproute naar hun pand ligt. De burgemeester voerde aan dat de gevolgen gering zijn en dat het slechts een administratieve wijziging betreft.
De rechtbank oordeelde dat eisers wel degelijk belanghebbenden zijn omdat zij door de vergunningverlening gevolgen van enige betekenis ondervinden, waaronder het mogelijk blokkeren van de looproute en zicht op het terras. Tevens concludeerde de rechtbank dat eisers onterecht niet zijn gehoord. De rechtbank vernietigde het bestreden besluit en beval de burgemeester binnen acht weken een nieuw besluit op bezwaar te nemen met inachtneming van deze uitspraak.
Daarnaast werd de burgemeester veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten aan eisers. Het primaire besluit blijft ongewijzigd van kracht totdat het nieuwe besluit is genomen. Tegen het nieuwe besluit kan opnieuw beroep worden ingesteld.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard, het bestreden besluit vernietigd en de burgemeester opgedragen een nieuw besluit op bezwaar te nemen met hoorplicht.