Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
1.Het onderzoek op de terechtzitting
2.De tenlastelegging
3.De voorvragen
4.De bewijsvraag
een of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 01 april 2014 tot en met 06 juni 2016
te Almelo, in elk gevalin Nederland
, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, meermalen, althans eenmaal, (telkens) opzettelijk buiten het grondgebied van Nederland heeft gebracht en/of heeft bereid en/of bewerkt en/of verwerkt en/of verkocht en/of afgeleverd en/of verstrekt en/of vervoerd, in elk geval (telkens)opzettelijk aanwezig heeft gehad
(telkens)een
of meer(grote) hoeveelhe
(i
)d
(en) heroine en/ofcocaine
en/of amfetamine en/of MDMA, in elk geval een of meer (grote) hoeveelhe(i)d(en) van een materiaal bevattende heroine en/of cocaïne en/of amfetamine en/of MDMAzijnde
(telkens) (een
)middel
(en)als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst I
, dan wel aangewezen krachtens het vijfde lid van artikel 3a van die wet;
of omstreeks 06 juni 2016 te Nijverdal, gemeente Hellendoorn, een wapen van categorie III, onder 1 van de Wet wapens en munitie, te weten een revolver, van het merk Rohm, type 66, kaliber .22L.r zijnde een vuurwapen in de vorm van een
geweer,revolver
en/of pistoolvoorhanden heeft gehad.
5.De strafbaarheid van het bewezenverklaarde
6.De strafbaarheid van [verdachte]
7.De op te leggen straf of maatregel
De rechtbank rekent het [verdachte] verder aan dat hij tijdens de zitting geen enkele verantwoordelijkheid heeft genomen. Met deze houding heeft hij laten zien onvoldoende inzicht te hebben in de ernst van zijn handelen.
8.De toegepaste wettelijke voorschriften
9.De beslissing
taakstrafvoor de duur van
80 (zestig) uren;
vervangende hechteniszal worden toegepast voor de duur van
40 (dertig) dagen;