ECLI:NL:RBOVE:2024:5869
Rechtbank Overijssel
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek om voorlopige voorziening voor verlenging huishoudelijke ondersteuning Wmo 2015
Verzoekster heeft bij het college van burgemeester en wethouders van Almelo een aanvraag ingediend voor verlenging van huishoudelijke ondersteuning op grond van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 (Wmo 2015). Het college heeft dit verzoek op 5 september 2024 afgewezen, waarna verzoekster bezwaar heeft gemaakt en tevens een voorlopige voorziening heeft gevraagd bij de voorzieningenrechter.
De voorzieningenrechter beoordeelt dat een verzoek om een voorlopige voorziening een acute spoedeisendheid vereist. Verzoekster heeft aangevoerd dat haar partner door een ernstige enkelinfectie en daaropvolgende sepsis minder inzetbaar is voor huishoudelijke taken en dat haar zoon overbelast is, waardoor de zorgdruk is toegenomen. Desondanks concludeert de voorzieningenrechter dat de medische informatie en de aangevoerde omstandigheden onvoldoende onderbouwen dat er sprake is van een acute noodsituatie die onmiddellijke interventie vereist.
De voorzieningenrechter merkt op dat het gaat om ondersteuning in het huishouden en dat er geen aanwijzingen zijn dat onomkeerbare gevolgen zullen optreden indien de bezwaarprocedure wordt afgewacht. De gezondheidstoestand van de partner levert op zichzelf geen spoedeisend belang op, en er zijn geen medische gegevens over de zoon die een acute overbelasting aantonen. Het verzoek om voorlopige voorziening wordt daarom afgewezen.
Uitkomst: Het verzoek om een voorlopige voorziening voor verlenging van huishoudelijke ondersteuning wordt afgewezen wegens het ontbreken van een spoedeisend belang.