Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
1.Het onderzoek op de terechtzitting
2.De tenlastelegging
“Wegwezen, jullie hebben hier niets te zoeken, ik ga schieten.”Verbalisant [slachtoffer 1] heeft verklaard dat hij zag dat verdachte vanuit het raam een wapen met een lange loop op hen richtte. [slachtoffer 1] zag dat verdachte een schietend handgebaar in hun richting maakte met zijn rechterhand. [3] Verdachte gooide het wapen uit het raam. Het wapen is onderzocht door de politie. Het wapen bleek een nabootsing te zijn van een geweer van het merk Pedersolli, model Alano long rifle. [4]
4.De strafbaarheid van het bewezen verklaarde
bedreiging met enig misdrijf tegen het leven gericht, meermalen gepleegd;
handelen in strijd met artikel 13, eerste lid, van de Wet wapens en munitie;
bedreiging met enig misdrijf tegen het leven gericht en/of met zware mishandeling.
5.De strafbaarheid van verdachte
6.De op te leggen straf of maatregel
7.De schade van benadeelden
8.De toegepaste wettelijke voorschriften
9.De beslissing
bedreiging met enig misdrijf tegen het leven gericht, meermalen gepleegd;
handelen in strijd met artikel 13, eerste lid, van de Wet wapens en munitie;
bedreiging met enig misdrijf tegen het leven gericht en/of met zware mishandeling.
gevangenisstrafvoor de duur van
180 (honderdtachtig) dagen;
64 (vierenzestig) dagen niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten. De rechter kan de tenuitvoerlegging gelasten indien de verdachte voor het einde van de
proeftijd van 3 (drie) jarende navolgende algemene voorwaarde niet is nagekomen:
algemene voorwaardedat de verdachte zich voor het einde van de proeftijd niet schuldig maakt aan een strafbaar feit;
bijzondere voorwaardendat verdachte:
daarbij gelden als voorwaarden van rechtswege dat de verdachte:
dadelijk uitvoerbaarzijn;
niet-ontvankelijkis in de vordering, en dat de benadeelde partij de vordering slechts bij de burgerlijke rechter kan aanbrengen;
niet-ontvankelijkis in de vordering, en dat de benadeelde partij de vordering slechts bij de burgerlijke rechter kan aanbrengen;
niet-ontvankelijkis in de vordering, en dat de benadeelde partij de vordering slechts bij de burgerlijke rechter kan aanbrengen;
onttrokken aan het verkeerhet in beslag genomen voorwerp, te weten: