Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
1.De procedure
2.De feiten
3.Het geschil
4.De beoordeling
De huurachterstand.
119,00
Rechtbank Overijssel
De huurster huurt een woning van Stichting Ieder1 en heeft een aanzienlijke huurachterstand opgebouwd van €3.617,92 tot en met augustus 2024. Verhuurder vordert ontbinding van de huurovereenkomst, ontruiming van de woning en betaling van de huurachterstand met nevenvorderingen. De huurster erkent de achterstand en licht toe dat deze is ontstaan door een periode zonder inkomen. Zij ontvangt inmiddels hulp van het Budget Adviesbureau Deventer en heeft een bewindvoering aangevraagd.
De kantonrechter oordeelt dat de omvang van de huurachterstand en het niet nakomen van afspraken door de huurster de ontbinding van de huurovereenkomst rechtvaardigen. De huurster staat nog niet onder bewind en haar financiële situatie is onstabiel, waardoor verhuurder een ontruimingstitel wenst. De termijn voor ontruiming wordt vastgesteld op 14 dagen.
De gevorderde huurpenningen vanaf 1 september 2024 worden toegewezen, evenals de wettelijke rente vanaf 27 mei 2024. De gevorderde buitengerechtelijke incassokosten worden afgewezen wegens een oneerlijk beding in de algemene voorwaarden. De huurster wordt veroordeeld tot betaling van de proceskosten van verhuurder, begroot op €1.227,72. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: De huurovereenkomst wordt ontbonden en huurster wordt veroordeeld tot ontruiming binnen 14 dagen en betaling van de huurachterstand met rente en proceskosten.