Uitspraak
1.De procedure
2.Korte samenvatting van de zaak
4.Het geschil
5.De beoordeling
- € 2.900,00 voor loonwerk om het terrein schoon te maken;
- € 1.900,00 voor hout en balken voor het bouwen van de stallen;
- € 790,00 voor stroom en water.
Rechtbank Overijssel
Deze zaak betreft de huur van een loopstal met een weiland, waarbij de huurder ontevreden is over het onderhoud en de schoonmaak van het gehuurde. De huurder stelde dat hij minder huur mocht betalen vanwege de slechte staat en dat hij gemaakte kosten mocht verrekenen. De kantonrechter oordeelde dat de huurder het gehuurde heeft geaccepteerd in de staat waarin het verkeerde bij het aangaan van de huurovereenkomst, en dat er geen sprake was van een toezegging tot herstel door de verhuurder.
De kantonrechter verwierp het beroep op opschorting van huurbetaling en het verweer tot verrekening van kosten, omdat niet was komen vast te staan dat de verhuurder herstelplicht had en de huurder onvoldoende onderbouwing gaf van de kosten. De huurachterstand en verbeurde boetes werden toegewezen, evenals de ontbinding van de huurovereenkomst wegens de omvangrijke betalingsachterstand.
De huurder werd veroordeeld het gehuurde binnen 14 dagen na betekening van het vonnis te ontruimen en een gebruiksvergoeding te betalen vanaf 1 december 2023 tot de dag van ontruiming. De vordering tot vergoeding voor het gebruik van een grondbak en blauwe tonnen werd afgewezen, omdat deze spullen inmiddels waren teruggegeven en geen rechtsgrond voor vergoeding bestond.
Daarnaast werden wettelijke rente en buitengerechtelijke incassokosten toegewezen. De huurder werd veroordeeld in de proceskosten. Het vonnis is gewezen door kantonrechter Manders en op 2 januari 2024 in het openbaar uitgesproken.
Uitkomst: De huurovereenkomst wordt ontbonden, de huurder moet de huurachterstand betalen en het terrein ontruimen binnen 14 dagen.