Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
1.Het onderzoek op de terechtzitting
2.De tenlastelegging
3.De voorvragen
4.De bewijsoverwegingen
company secretaryen
directorvan deze rechtspersoon [6]
[medeverdachte] , is vanaf 1 december 2010 gevolmachtigde. Vanaf 6 september 2006 is [bedrijfsnaam 6] enig aandeelhouder van [bedrijfsnaam 11] . [10] Vanaf 23 februari 2017 is [bedrijfsnaam 12] enig aandeelhouder. [11]
succes by sharing) die door het [Bedrijfsnaam 5] werd aangeboden. [33] Hiervoor werd een nieuwe structuur opgezet. Honderd aandelen van [Bedrijfsnaam 4] werden overgedragen aan [bedrijfsnaam 13] , waarmee [bedrijfsnaam 13] de plaats van [Bedrijfsnaam 3] . in de structuur overnam. Verdachte ontving vijf aandelen van [bedrijfsnaam 13] Ook gaf [bedrijfsnaam 13] vijf aandelen uit aan [naam stichting] , die daarmee als nieuwe stichting boven de structuur kwam te hangen.
Letter of Wishesbij [bedrijfsnaam 15] verzoeken om een gift, gebaseerd op de gerealiseerde winsten van [Bedrijfsnaam 4] [34]
[medeverdachte] . Van dit bedrag is € 80.000,00 overgemaakt naar de spaarrekening van verdachte en € 90.000,00 naar de spaarrekening van [medeverdachte] . [37]
Loan Agreement’. [42]
[medeverdachte] , hebben in de periode van oktober 2008 tot en met april 2013 contante stortingen plaatsgevonden, die gebruikt werden voor extra hypotheekaflossingen. [43]
[medeverdachte] niet opgegeven dat zij de beschikking hadden over een buitenlandse bankrekening, te weten de Luxemburgse bankrekening met nummer [bankrekeningnummer 2] . Ook hebben zij niet opgegeven dat zij dividenduitkeringen op hun Luxemburgse bankrekening hebben ontvangen, dat verdachte de UBO is van [Bedrijfsnaam 4] , [Bedrijfsnaam 3] . en [bedrijfsnaam 10] .
5.De strafbaarheid van het bewezen verklaarde
:het medeplegen van opzettelijk een bij de belastingwet voorziene aangifte onjuist en onvolledig doen, terwijl het feit ertoe strekt dat te weinig belasting wordt geheven, meermalen gepleegd.
6.De strafbaarheid van verdachte
7.De op te leggen straf of maatregel
8.De toegepaste wettelijke voorschriften
9.De beslissing
het medeplegen van opzettelijk een bij de belastingwet voorziene aangifte onjuist en onvolledig doen, terwijl het feit ertoe strekt dat te weinig belasting wordt geheven, meermalen gepleegd;
gevangenisstrafvoor de duur van
4 (vier) maanden;
in zijn geheel niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten. De rechter kan de tenuitvoerlegging gelasten indien de verdachte voor het einde van de
proeftijd van 1 (een) jaarde navolgende voorwaarde niet is nagekomen:
algemene voorwaardedat de verdachte:
taakstraf, bestaande uit het verrichten van onbetaalde arbeid voor de duur van
215 (tweehonderdvijftien) uren;
vervangende hechteniszal worden toegepast voor de duur van
107 (honderdzeven) dagen;
mr. F.M.A. ‘t Hart, rechters, in tegenwoordigheid van mr. E.L. Vedder, griffier, en is in het openbaar uitgesproken op 16 maart 2023.