Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
WONINGSTICHTING SWZ,
gevestigd en kantoorhoudende te Zwolle,
[onderbewindgestelde],
gevestigd te [vestigingsplaats] ,
Rechtbank Overijssel
In deze kort gedingprocedure vordert woningstichting SWZ ontruiming van de woning van [onderbewindgestelde] wegens structurele overlast die sinds 2020 door omwonenden is gemeld. De huurder kampt met schizofrenie en verslavingsproblematiek en staat sinds oktober 2022 onder bewind. Ondanks meerdere waarschuwingen, gesprekken met hulpverleners en een tijdelijke logeerwoning, bleef de overlast voortduren.
De kantonrechter stelt vast dat de overlast ernstig en regelmatig is, waaronder harde muziek, schreeuwen en deurgeslagen, en dat dit het woongenot van omwonenden schaadt. De bewindvoerder betwist de ernst van de overlast en wijst op de persoonlijke omstandigheden van de huurder, maar dit verweer wordt verworpen op basis van meerdere meldingen, politieoptredens en de wens van buren om te verhuizen.
Gelet op artikel 6:265 BW Pro wordt geoordeeld dat de tekortkoming in de nakoming van de huurovereenkomst zodanig ernstig is dat ontbinding en ontruiming gerechtvaardigd zijn. Vanwege de persoonlijke problematiek wordt een langere ontruimingstermijn van drie maanden gegeven om passende woonruimte te vinden en dakloosheid te voorkomen. De bewindvoerder wordt veroordeeld tot ontruiming en betaling van proceskosten.
Uitkomst: Bewindvoerder wordt veroordeeld tot ontruiming van de woning binnen drie maanden wegens ernstige overlast.