Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
1.Het onderzoek op de terechtzitting
2.De tenlastelegging
3.De bewijsmotivering
“Wij hadden veel bij ons, bijlen en zo.”, maar hij heeft het in dat gesprek over verschillende klussen. Hierdoor is naar het oordeel van de rechtbank niet duidelijk of [medeverdachte 2] hier spreekt over de opdracht om [slachtoffer] te slaan. Daar komt bij dat de getuige [getuige] niet verklaart over bijlen (of andere slagwapens) die de verdachten bij zich hadden en er zijn geen bijlen (in de auto) aangetroffen. De rechtbank kan op basis van de bewijsmiddelen niet vaststellen of verdachten bijlen bij zich hadden.
4.De beslissing
spreekthem daarvan
vrij.