Uitspraak
1.Waar gaat deze zaak over?
2.De procedure
- de mondelinge behandeling van 6 november 2023, waarvan door de griffier aantekeningen zijn gemaakt.
3.De feiten
4.Het geschil
5.De beoordeling
€ 132,00
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Overijssel
Eiser verhuurt een woning aan gedaagde, die vanaf juni 2023 is gestopt met het betalen van de huur. Eiser vordert ontruiming van de woning en betaling van de achterstallige huur van €3.120,00 tot en met september 2023, vermeerderd met wettelijke rente en een maandelijkse vergoeding voor gebruik na de ontruimingstermijn.
Gedaagde stelt de huurbetaling te hebben opgeschort vanwege gebreken aan de woning, waaronder lekkages. De kantonrechter oordeelt echter dat gedaagde onvoldoende bewijs heeft geleverd van ernstige gebreken en dat het opschorten van de volledige huur niet proportioneel is. Daarnaast heeft gedaagde niet tijdig melding gemaakt van de gebreken aan eiser.
De rechtbank acht het zeer waarschijnlijk dat in een bodemprocedure de huurovereenkomst zal worden ontbonden vanwege de aanzienlijke huurachterstand van zes maanden. Daarom wordt ontruiming binnen één maand bevolen. Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van de achterstallige huur, de maandelijkse vergoeding vanaf 22 oktober 2023 tot daadwerkelijke ontruiming, en de proceskosten. Het beroep op artikel 1019h Rv voor volledige proceskostenvergoeding wordt afgewezen omdat het niet om intellectueel eigendomsrecht gaat.
Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot ontruiming binnen één maand en betaling van de achterstallige huur met wettelijke rente.