ECLI:NL:RBOVE:2023:4451
Rechtbank Overijssel
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid OM in vordering tot ontneming wegens vrijspraak verdachte
De rechtbank Overijssel behandelde een vordering van het Openbaar Ministerie tot ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel ter waarde van €750.690,20, gebaseerd op vermeende strafbare feiten. De verdachte, geboren in 1963, werd bij vonnis van 3 oktober 2023 vrijgesproken van deze feiten.
Tijdens de openbare terechtzittingen op 14 februari 2022, 19 september 2022 en 26 september 2023 werd de zaak inhoudelijk besproken. De verdediging voerde aan dat zonder veroordeling geen ontnemingsvordering kan worden toegewezen. Het OM trok later haar vordering in vanwege de vrijspraak.
De rechtbank oordeelde dat de vrijspraak betekent dat het OM niet ontvankelijk is in haar vordering tot ontneming. Daarom werd de vordering afgewezen en het OM niet-ontvankelijk verklaard. Het vonnis werd uitgesproken op 7 november 2023 door een meervoudige kamer.
Uitkomst: Het Openbaar Ministerie is niet-ontvankelijk verklaard in de vordering tot ontneming wegens vrijspraak van de verdachte.