De rechtbank Overijssel heeft op 27 juni 2023 besloten af te zien van het verder uitoefenen van haar internationale bevoegdheid met betrekking tot de ouderlijke verantwoordelijkheid over een minderjarige. Dit besluit volgt op een eerdere aanhouding van de zaak in afwachting van een Duitse beslissing.
De Duitse rechtbank, het Amtsgericht Gronau, heeft aangegeven bereid te zijn de zaak te behandelen en oordeelde dat de overdracht van bevoegdheid in het belang van het kind is, aangezien het kind al meer dan drie jaar in Duitsland verblijft en eerdere Nederlandse procedures niet tot een sluitende oplossing hebben geleid.
De Nederlandse rechtbank draagt de zaak over aan het Duitse gerecht en zal de benodigde adressen en vertalingen van eerdere tussenbeschikkingen aanleveren om de procedure aldaar mogelijk te maken. De kosten van deze procedure worden gedragen door elk van de ouders afzonderlijk.
Deze beslissing is genomen door drie kinderrechters en is openbaar uitgesproken, met kennisgeving aan relevante instanties zoals het Jugendamt en de raad voor de kinderbescherming.