Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
1.De procedure
2.De procedure
3.De beoordeling van de vordering
4.De beslissing
wijstde vordering tot ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel
af.
Rechtbank Overijssel
De officier van justitie vorderde op 5 juli 2023 dat de rechtbank het bedrag van het wederrechtelijk verkregen voordeel vaststelt en de veroordeelde verplicht tot betaling van €59.550 aan de Staat. De vordering werd behandeld tijdens de strafzaak op 2 oktober 2023, waarbij de veroordeelde werd gehoord en bijgestaan door zijn raadsman.
De rechtbank oordeelde dat de veroordeelde zich schuldig had gemaakt aan valsheid in geschrift door in vier aangiften inkomstenbelasting specifieke zorgkosten als aftrekposten op te voeren zonder bewijs. Ondanks deze valsheid was het op grond van de bewijsmiddelen niet aannemelijk dat de veroordeelde met deze handelingen inkomsten wilde genereren, mede doordat hij beperkte vergoedingen rekende, ook vrijwillig aangiften maakte en geen andere strafbare feiten met geldelijk voordeel had gepleegd.
Daarom wees de rechtbank de vordering tot ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel af. Het vonnis werd uitgesproken op 16 oktober 2023 door de meervoudige kamer van de rechtbank Overijssel te Zwolle.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vordering tot ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel af.