Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
1.Het onderzoek op de terechtzitting
2.De tenlastelegging
(primair),dan wel dat verdachte heeft geprobeerd zwaar lichamelijk letsel toe te brengen aan [slachtoffer]
(subsidiair),dan wel dat verdachte [slachtoffer] heeft mishandeld en dat die mishandeling zwaar lichamelijk letsel bij [slachtoffer] tot gevolg heeft gehad
(meer subsidiair),dan wel dat verdachte [slachtoffer] heeft mishandeld
(meest subsidiair);
3.De voorvragen
4.De bewijsmotivering
5.De strafbaarheid van het bewezenverklaarde
zware mishandeling;
eenvoudige belediging, terwijl de belediging wordt aangedaan aan een ambtenaar gedurende of ter zake van de rechtmatige uitoefening van zijn bediening;
opzettelijk en wederrechtelijk enig goed dat geheel of ten dele aan een ander toebehoort, vernielen.
6.De strafbaarheid van verdachte
7.De op te leggen straf of maatregel
8.De schade van benadeelde [slachtoffer]
9.De vordering tot tenuitvoerlegging in de zaak met parketnummer 08.074095.22
10.De toegepaste wettelijke voorschriften
11.De beslissing
zware mishandeling;
eenvoudige belediging, terwijl de belediging wordt aangedaan aan een ambtenaar gedurende of ter zake van de rechtmatige uitoefening van zijn bediening;
opzettelijk en wederrechtelijk enig goed dat geheel of ten dele aan een ander toebehoort, vernielen;
gevangenisstrafvoor de duur van
184 (honderdvierentachtig) dagen;
150 (honderdvijftig) dagen, tenzij de rechter later anders mocht gelasten. De rechter kan de tenuitvoerlegging gelasten indien verdachte voor het einde van de
proeftijd van 3 (drie) jarende navolgende voorwaarde(n) niet is nagekomen:
algemene voorwaardedat verdachte:
bijzondere voorwaardendat verdachte:
daarbij gelden als voorwaarden van rechtswege dat verdachte:
taakstraf, bestaande uit het verrichten van onbetaalde arbeid voor de duur van
240 (tweehonderdveertig) uren;
vervangende hechteniszal worden toegepast voor de duur van
120 (honderdtwintig) dagen;
maatregelop dat verdachte verplicht is ter zake van het bewezen verklaarde feit tot betaling aan de Staat der Nederlanden van een bedrag van € 3.385,-- te vermeerderen met de wettelijke rente over dat bedrag vanaf 22 december 2022 ten behoeve van de benadeelde, en bepaalt, voor het geval volledig verhaal van het verschuldigde bedrag niet mogelijk blijkt, dat gijzeling voor de duur van 43 dagen kan worden toegepast. Tenuitvoerlegging van de gijzeling laat de betalingsverplichting onverlet;
tenuitvoerleggingvan de bij vonnis van de politierechter in Almelo van
taakstraf van 30 uren.