Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
1.De procedure
- de conclusie van antwoord,
- de conclusie van repliek,
- de conclusie van dupliek.
Rechtbank Overijssel
In deze civiele procedure vordert eiser een bedrag van gedaagde op grond van een huur- en serviceovereenkomst die gedaagde met een derde partij, [C], is aangegaan. Eiser stelt dat zij de vordering op grond van een contractsovername kan innen, maar zij onderbouwt deze stelling onvoldoende.
De kantonrechter stelt vast dat de overeenkomst tussen gedaagde en [C] is gesloten en dat eiser en [C] verschillende rechtspersonen zijn. Er is geen bewijs geleverd van een geldige contractsovername of cessie van vorderingsrechten. Daarnaast ontbreekt medewerking van gedaagde aan een eventuele overdracht van de rechtsverhouding.
Gedaagde erkent een schuld aan [C], maar niet aan eiser. Hierdoor kan eiser geen vorderingsrecht ontlenen aan de overeenkomst en wordt de vordering afgewezen. Eiser wordt veroordeeld in de proceskosten, die nihil worden begroot aan de zijde van gedaagde.
Uitkomst: De vordering wordt afgewezen wegens ontbreken van een geldige contractsovername en vorderingsrecht.