Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
1.Het onderzoek op de terechtzitting
2.De tenlastelegging
3.De voorvragen
onder avan de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht levert volgens het destijds geldende artikel 1 sub Pro 2 WED een economisch delict op als bedoeld in artikel 1a
onder 1van de WED. Gelet op de artikelen 2 lid 1 en 6 lid 1 sub 2 van de WED, levert dit economisch delict, wanneer het opzettelijk is begaan, een misdrijf op, anders een overtreding. Hierop was destijds in geval van een misdrijf een gevangenisstraf van ten hoogste zes jaren, taakstraf of geldboete van de vierde categorie gesteld.
onder avan voornoemde bepaling uitgaan van een verjaringstermijn van twaalf jaren.
onder bvan de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht levert volgens het destijds geldende artikel 1 sub Pro 2 WED een economisch delict op als bedoeld in artikel 1a
onder 2van de WED. Gelet op de artikelen 2 lid 1 en 6 lid 1 sub 2 van de WED, levert dit economisch delict, wanneer het opzettelijk is begaan, een misdrijf op, anders een overtreding. Hierop was destijds in geval van een misdrijf een gevangenisstraf van ten hoogste twee jaren, taakstraf of geldboete van de vierde categorie gesteld.
onder bvan voornoemde bepaling uitgaan van een verjaringstermijn van zes jaren.
4.De bewijsoverwegingen
en het water wordt zout. Dit zoute water, de zogeheten pekel, stroomt via de put omhoog en wordt via een buizenstelsel naar de zoutfabriek getransporteerd. In de ondergrondse zoutlaag ontstaat door het oplossen van het zout langzamerhand een steeds grotere holte, de zogeheten caverne. Bij zoutwinning door oplosmijnbouw wordt dieselolie als mijnbouwhulpstof gebruikt, de zogenaamde blanketolie. De diesel- of gasolie wordt ter beheersing van de ontwikkeling van de caverne als afdeklaag op het zoete water gebruikt, zodat het plafond of dak van de caverne stabiel blijft en niet instort doordat het zout aldaar oplost door het zoete water wat in de caverne gepompt wordt. Het toezicht op deze vorm van mijnbouw wordt uitgeoefend door het Staatstoezicht op de Mijnen (SodM).
schadelijke of verontreinigende stoffen, mogen niet in het oppervlaktewater terechtkomen dan wel in de bodem dringen;
indien door wat voor oorzaak dan ook verontreinigende stoffen op of in de bodem dreigen te geraken of zijn geraakt zorgt de vergunninghoudster onverwijld voor:
a. melding daarvan aan de Inspecteur-generaal der mijnen;
b. maatregelen om verdere verontreiniging van de bodem te voorkomen. [2]
- wanneer hebben de lekkages plaatsgevonden?
- wanneer zijn de lekkages ontdekt?
- wanneer zijn de lekkages gemeld bij het SodM?
- zijn er maatregelen genomen en zo ja, welke dan?
3.1 Toetsingskader
g/l) (-) (µ
S/cm) (ntu)
Caverne 335
Uitlezen camerabeelden put 335
Uitlezen camerabeelden put 336
Uitlezen camerabeelden put 330
Uitlezen camerabeelden put 340
Uitlezen camerabeelden put 342
onverwijldzorgt voor:
a. melding daarvan aan de inspecteur-generaal der mijnen;
b. maatregelen om verdere verontreiniging van de bodem te voorkomen.
aangegeven dat: 'The particular use(s) is (are) not covered in the exposure scenarios received from our supplier because: Exposure scenario title(s) is (are) inconsistent with our actual use(s). Reason for DU-CSR exemption: Not applicable. We intend to prepare a
chemical safety report in accordance with REACH article 37(4)'. [21]
5.De strafbaarheid van het bewezen verklaarde
overtreding van een voorschrift, gesteld krachtens artikel 2.3 aanhef en onder a Wet algemene bepalingen omgevingsrecht, opzettelijk begaan door een rechtspersoon;
overtreding van een voorschrift, gesteld krachtens artikel 9.3.3 Wet milieubeheer, opzettelijk begaan door een rechtspersoon;
overtreding van een voorschrift, gesteld krachtens artikel 9.3.3 Wet milieubeheer, opzettelijk begaan door een rechtspersoon.
6.De strafbaarheid van verdachte
7.De op te leggen straf of maatregel
8.De toegepaste wettelijke voorschriften
9.De beslissing
overtreding van een voorschrift, gesteld krachtens artikel 2.3 aanhef en onder a Wet algemene bepalingen omgevingsrecht, opzettelijk begaan door een rechtspersoon;
overtreding van een voorschrift, gesteld krachtens artikel 9.3.3 Wet milieubeheer, opzettelijk begaan door een rechtspersoon;
overtreding van een voorschrift, gesteld krachtens artikel 9.3.3 Wet milieubeheer, opzettelijk begaan door een rechtspersoon.
een geldboete van € 75.000,- (zegge: vijfenzeventigduizend euro).