Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
wonende te [woonplaats] ,
wonende te [woonplaats] ,
Rechtbank Overijssel
Partijen, ex-echtelieden, sloten gezamenlijk een hoofdelijk aansprakelijke kredietovereenkomst bij de Rabobank. Na hun scheiding namen zij de verplichting op zich ieder de helft van de aflossing te betalen. Eiseres betaalde naast haar eigen deel ook extra bedragen die volgens haar voor rekening van gedaagde kwamen. Gedaagde had een betalingsregeling met de bank getroffen vanwege zijn financiële situatie.
De kantonrechter bevestigde dat ondanks de betalingsregeling de hoofdelijkheid blijft bestaan en de bank beide partijen kan aanspreken voor het volledige bedrag. Op grond van artikel 6:10 lid 2 BW Pro heeft eiseres een regresrecht om de te veel betaalde bedragen van gedaagde terug te vorderen.
De vordering van € 3.800,- plus wettelijke rente vanaf de dagvaarding werd toegewezen. De gevorderde buitengerechtelijke incassokosten werden afgewezen wegens niet-naleving van de wettelijke aanmaningstermijn. Proceskosten werden gecompenseerd, ieder draagt eigen kosten.
Uitkomst: Gedaagde moet € 3.800,- plus wettelijke rente terugbetalen aan eiseres wegens te veel betaalde bedragen op hoofdelijk krediet.