ECLI:NL:RBOVE:2022:716
Rechtbank Overijssel
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ongegrond beroep tegen voorlopige aanslag zuiveringsheffing bedrijfsruimte voor kamergewijze verhuur
Eiseres heeft een pand in eigendom verkregen dat kamergewijs aan studenten wordt verhuurd. Verweerder legde een voorlopige aanslag zuiveringsheffing bedrijfsruimte op voor het laatste kwartaal van 2020, gebaseerd op één vervuilingseenheid. Eiseres betwistte de aanslag omdat de vorige eigenaar al zuiveringsheffing voor het gehele jaar had betaald en zij meent dat dit leidt tot dubbele heffing.
De rechtbank oordeelt dat de heffingsplicht voor zuiveringsheffing bij de nieuwe eigenaar aanvangt op het moment van eigendomsoverdracht, ongeacht eerdere betalingen door de vorige eigenaar. De Verordening zuiveringsheffing Waterschap Zuiderzeeland 2020 bepaalt dat de verhuurder heffingplichtig is bij kamergewijze verhuur aan studenten, aangezien dit als bedrijfsruimte wordt aangemerkt.
Het beroep wordt ongegrond verklaard omdat eiseres als verhuurder de heffing verschuldigd is, ook als zij deze niet kan verhalen op haar huurders. Er is geen aanleiding voor proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open.
Uitkomst: Het beroep tegen de voorlopige aanslag zuiveringsheffing bedrijfsruimte wordt ongegrond verklaard.