Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
1.Het onderzoek op de terechtzitting
2.De tenlastelegging
3.De voorvragen
4.De bewijsoverwegingen
.Op de rekening stond dat er op 13 maart 2017 om 15.53 uur meerdere goederen waren verkocht, waaronder stekblokjes. Gebleken is dat het voertuig van medeverdachte [medeverdachte 1] op diezelfde dag tussen 15.20 uur en 16.14 uur op de [adres 7] stond.
,stond ingeschreven in de woning aan de [adres 3] . Hij heeft verklaard veelal in Haarlem te verblijven. Ook heeft [medeverdachte 7] verklaard dat hij en medeverdachte [medeverdachte 3] een sleutel van de woning hadden en dat [medeverdachte 3] de hennepkwekerij heeft opgezet.
.[medeverdachte 1] stopte het doosje in de kofferbak van de Volvo en beiden stapten vervolgens de auto in. De Volvo van [medeverdachte 1] is op 4 april 2017 inbeslaggenomen en op 6 april 2017 doorzocht. In het voertuig werd een kartonnen doosje met daarin 32 hennepstekken aangetroffen. Ook werden er twee jerrycans met ongeveer vijf liter groeimiddel in het voertuig aangetroffen
.
5.De strafbaarheid van het bewezen verklaarde
medeplegen van het in de uitoefening van een bedrijf opzettelijk handelen in strijd met een in artikel 3 onder Pro B van de Opiumwet gegeven verbod, meermalen gepleegd;
diefstal door twee of meer verenigde personen, waarbij de schuldige het weg te nemen goed onder zijn bereik heeft gebracht door middel van verbreking, meermalen gepleegd.
6.De strafbaarheid van verdachte
7.De op te leggen straf of maatregel
8.De schade van benadeelde
9.De toegepaste wettelijke voorschriften
10.De beslissing
medeplegen van het in de uitoefening van een bedrijf opzettelijk handelen in strijd met een in artikel 3 onder Pro B van de Opiumwet gegeven verbod, meermalen gepleegd;
diefstal door twee of meer verenigde personen, waarbij de schuldige het weg te nemen goed onder zijn bereik heeft gebracht door middel van verbreking, meermalen gepleegd;
gevangenisstrafvoor de duur van
123 (honderd drieëntwintig) dagen;
120 (honderdtwintig) dagen niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten. De rechter kan de tenuitvoerlegging gelasten indien de verdachte voor het einde van de
proeftijd van 2 (twee) jarenzich schuldig maakt aan een strafbaar feit;
Enexis Netbeheer B.V(feit 2, ten aanzien van [adres 4] ) toe tot een bedrag van
€ 863,68(achthonderd drieënzestig euro en achtenzestig cent), te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 4 april 2017;
maatregelop dat de verdachte verplicht is ter zake van het bewezen verklaarde feit tot betaling aan de Staat der Nederlanden van een bedrag van
€ 863,68(achthonderd drieënzestig euro en achtenzestig cent), te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 4 april 2017, en bepaalt, voor het geval volledig verhaal van het verschuldigde bedrag niet mogelijk blijkt, dat gijzeling voor de duur van
17 dagenkan worden toegepast (een en ander voor zover dit bedrag niet door een mededader zal zijn voldaan). Tenuitvoerlegging van de gijzeling laat de betalingsverplichting onverlet;
het overige niet-ontvankelijkis in de vorderingen, en dat de benadeelde partij de vorderingen voor dat deel slechts bij de burgerlijke rechter kan aanbrengen.
1. Het proces-verbaal van verhoor verdachte van 5 april 2017 en 6 april 2017, p. 89, 91 en 97, voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven:
2. Het proces-verbaal aantreffen hennepkwekerij van verbalisanten [verbalisant 1] en [verbalisant 2] van 3 februari 2017, p. 698-700, voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven:
(…) Aanleiding onderzoek:
3. Rapport berekening wederrechtelijk verkregen voordeel hennepkwekerij ex art 36e 2e lid Sr van verbalisanten [verbalisant 1] en [verbalisant 2] van 23 maart 2017, p. 703-705, voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven:
(…) hennepresten (…) kalkafzetting (…) stof op koolstoffilters (…) stof op voorwerpen (…)