Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
1.Het onderzoek op de terechtzitting
2.De tenlastelegging
3.De voorvragen
4.De bewijsmotivering
5.De strafbaarheid van het bewezenverklaarde
poging tot doodslag.
6.De strafbaarheid van verdachte
7.De op te leggen straf of maatregel
8.De schade van benadeelde
€ 5.000,00 (vijfduizend euro). De rechtbank zal de vordering voor dat deel toewijzen, te vermeerderen met de verschuldigde wettelijke rente vanaf 30 juli 2022. De rechtbank zal de vordering voor wat betreft de overige gevorderde immateriële schade afwijzen.
9.De vordering tenuitvoerlegging
10.De toegepaste wettelijke voorschriften
11.De beslissing
poging tot doodslag;
gevangenisstrafvoor de duur van
5 (vijf) jaren, met aftrek overeenkomstig artikel 27 Sr Pro;
€ 5.000,00 (vijfduizend euro)(bestaande uit immateriële schade), te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 30 juli 2022;
maatregelop dat de verdachte verplicht is ter zake van het bewezen verklaarde feit tot betaling aan de Staat der Nederlanden van een bedrag van € 5.000,00, (zegge: vijfduizend euro), te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 30 juli 2022 ten behoeve van de benadeelde, en bepaalt, voor het geval volledig verhaal van het verschuldigde bedrag niet mogelijk blijkt, dat gijzeling voor de duur van 60 dagen kan worden toegepast. Tenuitvoerlegging van de gijzeling laat de betalingsverplichting onverlet;
tenuitvoerleggingvan de bij vonnis van de politierechter in de rechtbank Overijssel van 31 mei 2021 voorwaardelijk opgelegde
gevangenisstrafvoor de duur van
1 (één) maanden de voorwaardelijk opgelegde taakstraf voor de duur van
75 (vijfenzeventig) uren.