Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
1.Het onderzoek op de terechtzitting
mr. A. Ruige en van wat door de raadsman mr. K. Karakaya, advocaat in Apeldoorn, naar voren is gebracht.
Rechtbank Overijssel
De rechtbank Overijssel heeft op 8 september 2022 uitspraak gedaan in een strafzaak tegen een 64-jarige vrouw die werd verdacht van valsheid in geschrifte met betrekking tot notulen van een buitengewone vergadering van aandeelhouders van een besloten vennootschap.
De officier van justitie stelde dat de notulen vals waren omdat ze op een andere datum zouden zijn opgemaakt of ondertekend dan vermeld, en dat de vergadering nooit had plaatsgevonden. Daarnaast werd aangevoerd dat een onbevoegd mandaat was verleend. De verdachte zou als feitelijk leidinggevende van een stichting betrokken zijn geweest bij het gebruik van deze notulen.
De verdediging betoogde dat niet wettig en overtuigend bewezen kon worden dat de notulen vals waren en dat de verdachte geen betrokkenheid had bij de vennootschap of de notulen. De rechtbank oordeelde dat de aangevoerde argumenten onvoldoende bewijs boden voor valsheid of vervalsing van de notulen. Ook was niet vast te stellen dat de verdachte opzettelijk handelde met het oogmerk het geschrift als echt te gebruiken.
Daarom sprak de rechtbank de verdachte vrij van de tenlastelegging. Hoewel het mandaat in de notulen mogelijk civielrechtelijk niet rechtsgeldig was, levert dit geen bewijs op voor valsheid. Het niet volgens statuten handelen is geen bewijs voor valsheid van het geschrift.
Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs van valsheid in geschrifte.