De burgemeester van Hellendoorn heeft besloten een huurwoning te sluiten voor zes maanden op grond van artikel 13b van de Opiumwet vanwege handel in handelshoeveelheden drugs in en rondom de woning. Verzoekers, bewoners van de woning, maakten bezwaar en vroegen om voorlopige voorzieningen. De voorzieningenrechter schortte het sluitingsbevel aanvankelijk op wegens onverwijlde spoed.
Tijdens de inhoudelijke behandeling werd vastgesteld dat de burgemeester bevoegd was het sluitingsbevel op te leggen en dat de noodzaak tot sluiting voldoende was gemotiveerd, mede door de aangetroffen handelshoeveelheden en meldingen van dealactiviteiten in en nabij de woning. Verzoekers konden niet aantonen dat zij niet wisten van de drugs en dat de sluiting disproportioneel zou zijn.
Verzoekers gaven aan dat zij door de sluiting op straat zouden komen en nooit meer in aanmerking zouden komen voor sociale huur, maar de voorzieningenrechter vond dat zij passende hulp konden krijgen bij het vinden van vervangende woonruimte. De schorsing van het sluitingsbevel werd daarom opgeheven met ingang van 14 juli 2022. Tegen deze uitspraak is geen rechtsmiddel mogelijk.