Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
1.Het onderzoek op de terechtzitting
2.De tenlastelegging
3.De voorvragen
4.De bewijsoverwegingen
Ik geef je vandaag, een barkie, en morgen, 150”. Op 4 januari 2019 stuurt “ [alias verdachte] ” het volgende bericht: “
oké oké, heb wel één gevangen, heb je nummer gegeven, zo een macro boy [naam 1] , dus dan weetje als die jou belt”. Op 17 januari 2019 stuurt [slachtoffer] het volgende bericht naar “ [alias verdachte] ”: “
Fix voor mij klanten voor vandaag om te neuke, voor 5 uur moet ik hebben”, waarop “ [alias verdachte] ” antwoordt: “
ga nu fixe”. Op verzoek van een potentiële, goed betalende klant vraagt “ [alias verdachte] ” ook om foto’s van [slachtoffer] waarop haar gezicht niet is te zien. Daarnaast wordt gesproken over het regelen van een kamer en – tijdens een woordenwisseling – over het al dan niet voorzetten van hun samenwerking (“ [alias verdachte] ” stuurt op 10 januari 2019 onder andere de volgende berichten: “
Maar voortaan ook al ben je weet ik veel waar moet je wel gaan ja, ik doe opbouw maar ik reken op jou in de toekomst hè”, “
en ja als je bij iemand anders wat beters qua werk kan krijg dan doe dat” en “
wij doen geen zaken meer jij hebt het geduld niet voor, en als je wilt neuken voor geld heb ik hier een hele rij die wilt betalen voor seks”).
of omstreeksde periode van 1 januari 2019 tot en met 17 januari 2019 te Enschede
en/of elders in Nederland, een ander, te weten [slachtoffer], (telkens)
ertoe heeft gebracht zich beschikbaar te stellen tot het verrichten van seksuele handelingen met en/of voor een derde tegen betaling dan welten aanzien van die [slachtoffer] enige handeling(en) heeft ondernomen waarvan verdachte wist of redelijkerwijs moest vermoeden dat die [slachtoffer] zich daardoor beschikbaar zou stellen tot het verrichten van die seksuele handelingen
(artikel 273f lid 1 sub 5),
(een
)potentiële klant
(en)en
/of
(en daar een tegemoetkoming voor gekregen
)en
/of
/of
en/of
5.De strafbaarheid van het bewezenverklaarde
6.De strafbaarheid van verdachte
7.De op te leggen straf of maatregel
8.De toegepaste wettelijke voorschriften
9.De beslissing
gevangenisstrafvoor de duur van
6 (zes) maanden;
3 (drie) maanden niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten.
proeftijd van 2 (twee) jarende navolgende voorwaarde niet is nagekomen:
algemene voorwaardedat verdachte: