Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
1.Het onderzoek op de terechtzitting
2.De tenlastelegging
3.De voorvragen
4.De bewijsoverwegingen
5.De strafbaarheid van het bewezen verklaarde
6.De strafbaarheid van verdachte
7.De op te leggen straf of maatregel
moetzijn, hij zegt alleen dat het
kan. Er zijn aanwijzingen voor een gedragsstoornis, een voorwaardelijke PIJ-maatregel is buitenproportioneel. Verdachte heeft sinds de schorsing twee maanden geleden laten zien dat het goed gaat. Ook de [stichting] vindt een PIJ-maatregel onwenselijk, onnodig en disproportioneel gelet op hoe het nu gaat. Er is genoeg tijd om te werken aan de doelen zoals gesteld in het NIFP-rapport. Een reguliere maatregel doet het meest recht aan wat haalbaar is. En hoewel verdachte zich in het verleden niet altijd meewerkend heeft opgesteld, lijkt er nu een basis om uitvoering aan te geven. Elektronisch Toezicht (ET) gaat te ver en is in deze zaak ook niet eerder aan de orde geweest. Nu verdachte niet in Enschede komt, ziet de raadsvrouw niet in waarom ET, evenals een contact- en locatieverbod, toegevoegd moet worden. ET maakt school en werk ook alleen maar lastiger. In het geval van een veroordeling zal er hoger beroep worden ingesteld. In verband daarmee verzoekt de raadsvrouw de rechtbank de bijzondere voorwaarden niet dadelijk uitvoerbaar te verklaren en benadrukt zij onder verwijzing naar HR 10 maart 2015 dat de afgelopen twee maanden niet gebleken is dat verdachte de intentie heeft te recidiveren.
8.De vordering tenuitvoerlegging
9.De toegepaste wettelijke voorschriften
10.De beslissing
jeugddetentievoor de duur van
242 (tweehonderdtweeënveertig) dagen;
plaatsing in een inrichting voor jeugdigen;
niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten. De rechter kan de tenuitvoerlegging gelasten indien verdachte voor het einde van de
proeftijd van 2 (twee) jarende navolgende voorwaarde(n) niet is nagekomen:
algemene voorwaardedat verdachte:
bijzondere voorwaardendat verdachte:
dadelijk uitvoerbaarzijn.
tenuitvoerleggingvan de bij vonnis van de kinderrechter in de rechtbank Gelderland van 30 januari 2018 met parketnummer 05-147977-18 voorwaardelijk opgelegde
werkstrafvoor de duur van
20 uren, subsidiair 10 dagen jeugddetentie.