Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
1.Het onderzoek op de terechtzitting
2.De tenlastelegging
(primair), dan wel dat verdachte een handgranaat heeft gehad
(subsidiair).
3.De voorvragen
4.De bewijsmotivering
5.De strafbaarheid van het bewezenverklaarde
opzettelijk een ontploffing teweegbrengen, terwijl daarvan gemeen gevaar voor goederen en levensgevaar en gevaar voor zwaar lichamelijk letsel voor anderen te duchten is.
diefstal, waarbij de schuldige het weg te nemen goed onder zijn bereik heeft gebracht door middel van valse sleutels.
6.De strafbaarheid van verdachte
7.De op te leggen straf of maatregel
8.De schade van benadeelden
9.De vordering tenuitvoerlegging
10.De toegepaste wettelijke voorschriften
11.De beslissing
opzettelijk een ontploffing teweegbrengen, terwijl daarvan gemeen gevaar voor goederen en levensgevaar en gevaar voor zwaar lichamelijk letsel voor anderen te duchten is;
diefstal, waarbij de schuldige het weg te nemen goed onder zijn bereik heeft gebracht door middel van valse sleutels;
gevangenisstrafvoor de duur van
5 (vijf) jaren;
maatregelop dat de verdachte verplicht is ter zake van het bewezen verklaarde feit tot betaling aan de Staat der Nederlanden van een bedrag van € 3.262,28 (drieduizendtweehonderdentweeënzestig euro en achtentwintig eurocent), te vermeerderen met de wettelijke rente over dat bedrag vanaf 11 september 2020 tot aan de dag der algehele voldoening ten behoeve van de benadeelde, en bepaalt, voor het geval volledig verhaal van het verschuldigde bedrag niet mogelijk blijkt, dat gijzeling voor de duur van 42 dagen kan worden toegepast. Tenuitvoerlegging van de gijzeling laat de betalingsverplichting onverlet;
maatregelop dat de verdachte verplicht is ter zake van het bewezen verklaarde feit tot betaling aan de Staat der Nederlanden van een bedrag van € 3.269,58 (drieduizendtweehonderdennegenenzestig euro en achtenvijftig eurocent), te vermeerderen met de wettelijke rente over dat bedrag vanaf 11 september 2020 tot aan de dag der algehele voldoening ten behoeve van de benadeelde, en bepaalt, voor het geval volledig verhaal van het verschuldigde bedrag niet mogelijk blijkt, dat gijzeling voor de duur van 42 dagen kan worden toegepast. Tenuitvoerlegging van de gijzeling laat de betalingsverplichting onverlet;
11 september 2020 tot aan de dag der algehele voldoening;
maatregelop dat de verdachte verplicht is ter zake van het bewezen verklaarde feit en tot betaling aan de Staat der Nederlanden van een bedrag van € 1.975,01 (duizendnegenhonderdenvijfenzeventig euro en één eurocent), te vermeerderen met de wettelijke rente over dat bedrag vanaf 11 september 2020 tot aan de dag der algehele voldoening ten behoeve van de benadeelde, en bepaalt, voor het geval volledig verhaal van het verschuldigde bedrag niet mogelijk blijkt, dat gijzeling voor de duur van 29 dagen kan worden toegepast. Tenuitvoerlegging van de gijzeling laat de betalingsverplichting onverlet;
tenuitvoerleggingvan de bij vonnis van de politierechter te Almelo van
gevangenisstrafvoor de duur van
3 (drie) maanden.
de rechtbank begrijpt 6 juli 2020)zie ik dat verdachte 2 een getinte man is. Hij heeft een smal postuur. Zijn haar is donker van kleur en is kort geknipt. Verder draagt hij een halflange jas waarvan het gedeelte op borst en schouders donkerder is dan de rest van de jas. Hij draagt onder de jas een donkere broek en donkere schoenen.