Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
1.Het onderzoek op de terechtzitting
2.De tenlastelegging
hij op of omstreeks 08 november 2019 in de gemeente Zwolle, tezamen en invereniging met een of meer anderen, althans alleen,opzettelijk brand heeft gesticht door open vuur in aanraking te brengen metbenzine, althans met een brandbare stof (die over/tegen een personenauto wasgesprenkeld/gegoten/gegooid), ten gevolge waarvan die personenauto (merk BMW,kleur grijs) (met inhoud) geheel of gedeeltelijk is verbrand, in elk gevalbrand is ontstaan,en daarvan gemeen gevaar voor die personenauto en/of een of meer goed(eren) indie personenauto, in elk geval gemeen gevaar voor goederen, te duchten was;
hij op of omstreeks 06 november 2019 in de gemeente Zwolle, tezamen en invereniging met een of meer anderen, althans alleen,opzettelijk brand heeft gesticht door open vuur in aanraking te brengen metbenzine, althans met een brandbare stof (die over/tegen een personenauto wasgesprenkeld/gegoten/gegooid), ten gevolge waarvan die personenauto (merk FordFocus, kleur grijs) (met inhoud) geheel of gedeeltelijk is verbrand, in elkgeval brand is ontstaan,en daarvan gemeen gevaar voor die personenauto en/of een of meer goed(eren) indie personenauto, in elk geval gemeen gevaar voor goederen, te duchten was.
3.De voorvragen
4.De bewijsoverwegingen
hij op 8 november 2019 in de gemeente Zwolle, tezamen en in vereniging met anderen, opzettelijk brand heeft gesticht door open vuur in aanraking te brengen metbenzine (die over een personenauto was gegoten), ten gevolge waarvan die personenauto (merk BMW, kleur grijs) met inhoud is verbrand, en daarvan gemeen gevaar voor goederen te duchten was;
hij op 6 november 2019 in de gemeente Zwolle, tezamen en in vereniging met een ander, opzettelijk brand heeft gesticht door open vuur in aanraking te brengen metbenzine (die over een personenauto was gegooid), ten gevolge waarvan die personenauto (merk Ford Focus, kleur grijs met inhoud) is verbrand, en daarvan gemeen gevaar voor goederen, te duchten was.
5.De strafbaarheid van het bewezen verklaarde
6.De strafbaarheid van verdachte
7.De op te leggen straf of maatregel
8.De toegepaste wettelijke voorschriften
9.De beslissing
medeplegen van het opzettelijk brand stichten, terwijl daarvan gemeen gevaar voor goederen te duchten is;
taakstraf, bestaande uit het verrichten van onbetaalde arbeid voor de duur van
200 (tweehonderd) uren;
vervangende hechteniszal worden toegepast voor de duur van
100 (honderd) dagen;
100 (honderd) uren, te vervangen door hechtenis voor de tijd van
50 (vijftig) dagenvoor het geval die taakstraf niet naar behoren wordt verricht,
niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later de tenuitvoerlegging gelast omdat de verdachte voor het einde van de
proeftijd van 2 (twee) jarenzich schuldig maakt aan een strafbaar feit;