ECLI:NL:RBOVE:2021:2807
Rechtbank Overijssel
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening tegen sluiting bedrijfspand wegens drugshandel en wapenvondst
Verzoekster exploiteert sinds november 2020 een eenmanszaak in een bedrijfspand waar op 15 april 2021 een politie-inval plaatsvond. Tijdens deze doorzoeking werden grote hoeveelheden cocaïne, heroïne, cannabis en een vuurwapen met munitie aangetroffen. De burgemeester van Enschede besloot het pand op grond van artikel 13b Opiumwet voor twaalf maanden te sluiten wegens overtreding van de Opiumwet en het gevaar voor de openbare orde.
Verzoekster maakte bezwaar en vroeg om een voorlopige voorziening tegen de sluiting. Zij stelde dat zij niet wist van de drugs en het wapen, dat de winkel vanwege coronamaatregelen gesloten was en dat de sluiting disproportioneel en niet noodzakelijk was. De voorzieningenrechter oordeelde dat de burgemeester bevoegd was tot sluiting en dat het Damoclesbeleid correct werd toegepast.
De rechter vond dat de aanwezigheid van handelshoeveelheden drugs en een vuurwapen een ernstige bedreiging vormde voor de openbare orde en dat sluiting noodzakelijk en evenredig was. Verzoekster kon als huurder verantwoordelijk worden gehouden voor het pand en had onvoldoende toezicht gehouden. Het verzoek om voorlopige voorziening werd afgewezen.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de sluiting van het bedrijfspand wordt afgewezen.