Uitspraak
Paviljoen Hanzezicht B.V., te Kampen, hierna te noemen: vergunninghouder.
Rechtbank Overijssel
De rechtbank Overijssel behandelde het verzoek om voorlopige voorziening tegen een omgevingsvergunning voor het tijdelijk realiseren en exploiteren van een strandpaviljoen aan de Ir. B.P.G. van Diggelenkade 11 te Kampen. Verzoekers stelden dat de vergunning leidt tot overlast, verkeersgevaar en aantasting van natuurwaarden, en betwistten de bevoegdheid van het bestuursorgaan om de vergunning te verlenen.
De voorzieningenrechter oordeelde dat verzoekers een spoedeisend belang hadden en als belanghebbenden konden worden aangemerkt. De bevoegdheid tot vergunningverlening werd bevestigd, aangezien het project kleinschalig en seizoensgebonden is en de oorspronkelijke situatie na afloop hersteld kan worden. De voorzieningenrechter beoordeelde de belangrijkste bezwaren: parkeeroverlast, verkeersveiligheid, overlast en natuurbescherming.
Hoewel er onzekerheden waren over de parkeersituatie, achtte de rechter deze niet zwaarwegend genoeg voor schorsing. De verkeersmaatregelen werden als voldoende veilig beoordeeld. Overlast door geur en geluid moet binnen de geldende milieunormen blijven en kan handhavend worden aangepakt. Ten aanzien van natuurwaarden concludeerde de rechter dat op basis van onderzoeksrapporten en een bestuurlijk oordeel geen significante negatieve effecten zijn aangetoond.
De voorzieningenrechter zag geen aanleiding om het besluit te schorsen en wees het verzoek om voorlopige voorziening af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd en tegen deze uitspraak stond geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de omgevingsvergunning voor het strandpaviljoen wordt afgewezen.