Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
1.Het onderzoek op de terechtzitting
mr. C. Hofstee en van wat door verdachte en zijn raadsman mr. J. Michels, advocaat te Oldenzaal, naar voren is gebracht.
2.De tenlastelegging
a) een factuur dd. 10 april 2017 van [bedrijf 1] (DOC-066, p. 649), en/of
a) het op die factuur genoemde bedrijf de op de factuur vermelde/weergegeven werkzaamheden en/of diensten en/of goederen had(den) verricht/geleverd, en/of
a) een factuur dd. 10 april 2017 van [bedrijf 1] (DOC-066, p. 649), en/of
a) het op die factuur genoemde bedrijf de op de factuur vermelde/weergegeven werkzaamheden en/of diensten en/of goederen had(den) verricht/geleverd, en/of
zulks (telkens) met het oogmerk om die (bedrijfs)administratie, als echt en onvervalst te gebruiken en/of door (een) ander(en) te doen gebruiken;
3.De voorvragen
€ 53.759,00 en in 2017 € 27.511,00 looninkomsten genoot en dat hij tot en met 30 juni 2017 in loondienst was bij het Ministerie van Defensie. [17]
€ 120.000,00 en negen auto’s tezamen en in vereniging met anderen heeft verworven en voorhanden gehad, terwijl hij wist dat dit geldbedrag en deze voertuigen – onmiddellijk of middellijk - van enig misdrijf afkomstig waren.
. [45] Ook komt dit niet overeen met de verklaring van verdachte, nu verdachte ter zitting heeft verklaard dat hij de lening van het familielid in Marokko nog niet heeft terugbetaald. [46]
a) een factuur dd. 10 april 2017 van [bedrijf 1] , en
a) het op die factuur genoemde bedrijf de op de factuur vermelde/weergegeven werkzaamheden en/of diensten en/of goederen hadden verricht/geleverd, en
5.De strafbaarheid van het bewezen verklaarde
witwassen,
medeplegen van witwassen;
valsheid in geschrift, begaan door een rechtspersoon, waaraan hij feitelijke leiding heeft gegeven, meermalen gepleegd;
opzettelijk een bij de belastingwet voorziene aangifte onjuist en onvolledig doen, terwijl het feit ertoe strekt dat te weinig belasting wordt geheven, begaan door een rechtspersoon, waaraan hij feitelijke leiding heeft gegeven.
6.De strafbaarheid van verdachte
7.De op te leggen straf of maatregel
8.De toegepaste wettelijke voorschriften
9.De beslissing
witwassen,
medeplegen van witwassen;
valsheid in geschrift, begaan door een rechtspersoon, waaraan hij feitelijke leiding heeft gegeven, meermalen gepleegd;
opzettelijk een bij de belastingwet voorziene aangifte onjuist en onvolledig doen, terwijl het feit ertoe strekt dat te weinig belasting wordt geheven, begaan door een rechtspersoon, waaraan hij feitelijke leiding heeft gegeven;
gevangenisstrafvoor de duur van
6 (zes) maanden;
in zijn geheel niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten. De rechter kan de tenuitvoerlegging gelasten indien verdachte voor het einde van de
proeftijd van 3 (drie) jarende navolgende voorwaarde niet is nagekomen:
algemene voorwaardedat verdachte zich voor het einde van de proeftijd niet schuldig maakt aan een strafbaar feit;
taakstraf, bestaande uit het verrichten van onbetaalde arbeid voor de duur van
240 (tweehonderdveertig) uren;
vervangende hechteniszal worden toegepast voor de duur van
120 (honderdtwintig) dagen;
onttrokken aan het verkeerde inbeslaggenomen
(bedrijfs)administratie van verdachte,zoals vermeld op de aan dit vonnis gehechte beslaglijst.