Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
1.Het onderzoek op de terechtzitting
2.De tenlastelegging
3.De voorvragen
4.De bewijsoverwegingen
of omstreeks19 juni 2020, in de gemeente Hengelo (O),
/ofbedreiging met geweld
(een
)perso
(o
)n
(en), genaamd [slachtoffer] , te dwingen tot de afgifte van geld en/of goederen, geheel of ten dele toebehorende aan die [slachtoffer] en/of (haar echtgenoot)
pistool, althans eenop een vuurwapen gelijkend voorwerp, naar/in de richting van de woning van die [slachtoffer] (gelegen aan de [adres 2] ) heeft begeven,
(vervolgens
)bij voornoemde woning heeft aangebeld,
(vervolgens
)– nadat die [slachtoffer] de voordeur had geopend – (direct)
een pistool,
/of
(vervolgens
) (daarbij)die voordeur
(met kracht
)heeft open geduwd/open
/ofkleding
/of(waarbij) – tijdens de
5.De strafbaarheid van het bewezenverklaarde
poging tot afpersing.
6.De strafbaarheid van verdachte
7.De op te leggen straf of maatregel
8.De schade van benadeelden
9.De toegepaste wettelijke voorschriften
10.De beslissing
poging tot afpersing;
gevangenisstrafvoor de duur van
3 (drie) jaren;
€ 3.500,-- (te vermeerderen met de wettelijke rente over voornoemd bedrag vanaf 19 juni 2020 tot aan de dag van volledige betaling) ter vergoeding van immateriële schade;
maatregelop dat verdachte verplicht is ter zake van het primair bewezenverklaarde feit tot
betaling aan de Staat der Nederlanden van een bedrag van € 3.500,--,te vermeerderen met de wettelijke rente over voornoemd bedrag vanaf 19 juni 2020 tot aan de dag van volledige betaling ten behoeve van de benadeelde, en bepaalt, voor het geval volledig verhaal van het verschuldigde bedrag niet mogelijk blijkt, dat gijzeling voor de duur van 45 dagen kan worden toegepast, (een en ander voor zover dit bedrag niet door een mededader zal zijn voldaan). Tenuitvoerlegging van de gijzeling laat de betalingsverplichting onverlet;