ECLI:NL:RBOVE:2021:1013
Rechtbank Overijssel
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep gegrond: onrechtmatige toepassing van spoedeisende bestuursdwang en herroeping primair besluit
Eiser diende beroep in tegen het besluit van verweerder om rauwelijks bestuursdwang toe te passen wegens overtredingen omtrent afvalopslag. Verweerder had eerder een gedoogbeslissing ingetrokken omdat eiser niet-inerte afvalstoffen opsloeg, wat strijdig was met de voorwaarden.
De rechtbank oordeelt dat het horen van eiser conform artikel 7:5 Awb Pro heeft plaatsgevonden en dat de intrekking van de gedoogbeslissing geen onderdeel is van de bestuursdwangprocedure, maar wel gerelateerd is. De geconstateerde overtredingen staan vast, waardoor handhaving gerechtvaardigd is.
Echter, de rechtbank stelt dat het spoedeisende karakter van de bestuursdwang niet is aangetoond. Ondanks dat de brandweer op 19 juni 2017 een rapport uitbracht met verzoek tot maatregelen, heeft verweerder pas 21 dagen later bestuursdwang toegepast zonder eiser een hersteltermijn te gunnen. De financiële situatie van eiser rechtvaardigt dit niet.
De rechtbank concludeert dat verweerder ten onrechte heeft gehandeld en herroept het primaire besluit. Tevens wordt verweerder opgedragen het griffierecht van eiser te vergoeden.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het primaire besluit tot bestuursdwang wordt herroepen.