Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
CENTRAAL BEHEER ACHMEA,
gevestigd te Apeldoorn,
[X],
wonende te [woonplaats] ,
Rechtbank Overijssel
In deze civiele zaak vordert Achmea betaling van achterstallige verzekeringspremies van een MKB Meerkeuzepolis afgesloten voor een schoonmaakbedrijf dat als eenmanszaak is ingeschreven op naam van gedaagde. De verzekering is door de moeder van gedaagde, als gevolmachtigde, afgesloten. Gedaagde stelt dat hij geen bemoeienis met het bedrijf heeft en dat zijn moeder verantwoordelijk is.
De kantonrechter overweegt dat gedaagde als eigenaar van de eenmanszaak juridisch gebonden is aan de rechtshandelingen die namens het bedrijf worden verricht, ook als hij zich niet met het bedrijf bemoeit. Achmea mocht ervan uitgaan dat de eenmanszaak de contractspartij was. Daarom is gedaagde aansprakelijk voor de achterstallige premies, wettelijke handelsrente en incassokosten.
De rechtbank veroordeelt gedaagde tot betaling van € 533,21, vermeerderd met wettelijke handelsrente vanaf 17 januari 2020, en in de proceskosten. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van achterstallige premies, wettelijke handelsrente en incassokosten aan Achmea.